Paradoxaal genoeg zijn het vooral bevolkingsgroepen die vroeger gebukt gingen onder gebrek aan voedsel, die vandaag frequenter lijden aan overgewicht en obesitas. Mensen met een lager inkomen en een lager opleidingsniveau worden daardoor ook vaker getroffen door (o.a.) suikerziekte en hart- en vaataandoeningen.
Eén mogelijke oorzaak van dit fenomeen is de prijs van (on)gezond voedsel… "Suikers en vetten zijn goedkoop, terwijl mager vlees, vis, groente en fruit duurder zijn. Groene sla is zo bezien de duurste verpakking voor calorieën." (Drewnowski & Darmon, 2005). Een andere verklaring is dat binnen deze sociale groepen gezondheid vaker als een soort "lotsbestemming" beschouwd wordt en dus niet als iets dat je zelf in handen hebt.
Feit is dat binnen deze groep consumenten nog altijd te weinig aandacht besteed wordt aan de relatie tussen gevarieerde en evenwichtige voeding en gezondheid.
Kinderen binnen obesogene gezinnen
Het zijn echter niet alleen volwassenen die steeds vaker last hebben van zwaarlijvigheid. Uit recent Europees onderzoek (Burg, 2012) blijkt dat 1 op 5 jonge Belgen (10 – 12 jaar) teveel weegt. In landen als Spanje en Griekenland lopen deze cijfers op tot respectievelijk 34% en 50%. Ook voor dit fenomeen zijn er verschillende verklaringen.
Kinderen beslissen in toenemende mate zelf over wat ze eten en in welke hoeveelheid. Bovendien nemen sommige ouders de uitdrukking "zoethoudertje" zeer letterlijk: ze verwennen hun kinderen teveel met suikerrijk eten en drinken.
Tenslotte zijn ouders die zelf teveel vetrijke of suikerrijke voeding consumeren en daardoor lijden aan overgewicht of obesitas evident niet bepaald het ideale rolmodel (wat voeding betreft). Een toenemend aantal volwassenen met overgewicht verhoogt dan ook het risico op gewichtsproblemen bij kinderen.
Obesogene marketing
In "De obesogene samenleving" (2007) wordt ook veel aandacht besteed aan de rol van reclame en marketing. De meest geadverteerde producten naar kinderen toe zijn snoep, snacks, frisdrank, toetjes en zout (de 'Big Five'), bij uitstek producten met hoge concentraties vet, suiker en zout.
Een populaire marketingstrategie is het verbinden van kinderidolen of cartoonfiguren aan deze producten… 'Kinderhelden worden vaak ingezet in de vorm van speelgoed dat wordt aangeboden bij een product. Het speelgoed dat kinderen kunnen verzamelen door aankoop van een McDonald's Happy Meal wordt door velen gezien als de belangrijkste verklaring voor het succes van de hamburgergigant op de kindermarkt' (Schor, 2004).
Jongere kinderen blijken vooral gevoelig voor thema's als plezier, spelen, avontuur, smaak en humor, bij oudere kinderen overheerst het 'cool'-zijn en de relatie met sport en vrijetijd (Buijzen & Valkenburg, 2002).
Hoe meer je als kind naar reclame kijkt, hoe groter de kans dat je beïnvloed wordt en (later) aan overgewicht of obesitas gaat lijden. De impact van reclame is echter niet voor elk kind even groot : de leeftijd speelt een rol, maar ook en vooral de manier waarop kinderen opgevoed worden…'Voor een optimale weerbaarheid tegen voedingsmiddelenmarketing is het belangrijk dat kinderen leren wat een gezonde levensstijl en wat een gezond eetpatroon inhoudt.'(Buijzen, 2007; p. 99).
Misleidende informatie op verpakkingen
Consumentenorganisatie Test-Aankoop (2013) toont in recent onderzoek nog maar eens aan hoe de doorsnee consument misleid wordt door onjuiste informatie: vb. veel afbeeldingen van fruit op de verpakking, maar slechts een fractie in het product zelf.
Een aantal producenten gaat zelfs zo ver dat zij gezondheidsclaims (vb. ‘rijk aan vitamine C of vezels') op de verpakking aanbrengen. Sommige aanspraken blijken onvoldoende onderbouwd. Bovendien leidt dit soort claims de aandacht af van het feit dat sommige van die producten grote hoeveelheden suiker of vet bevatten.
Wat doen we eraan?
Deze onderzoeksresultaten illustreren het belang van opvoedingsondersteuning m.b.t. gezonde voeding. Ouders moeten zelf weten wat een gezond dieet is én moeten durven ingaan tegen zeurgedrag van kinderen. Deze opvoedingsondersteuning kan verder aangevuld worden met acties die zich rechtstreeks naar kinderen richten.
In de Gentse wijk "Sluizeken – Tolhuis – Ham" loopt momenteel een project VITA-Mike dat perfect aan al deze criteria beantwoordt. Het OIVO stuurde een onderzoeker ter plaatse om deze praktijk zo goed mogelijk te beschrijven. Wij rekenen er op dat professionals en consumenten in andere Belgische steden en wijken zich laten inspireren door dit fraaie Gentse voorbeeld.
Auteur: Jan Velghe
Lees ook het VITAmike dossier!
Contactpersoon project VITAmike:
Ruth Van Der Beken
Gezondheidspromotor Wijkgezondheidscentrum De Sleep
ruth.van.der.beken@wgcdesleep.be